donderdag, oktober 22, 2020
Home Onze Columnisten Plato: 490 dagen uitstelgedrag en de zoveelste pensioenbelofte

Plato: 490 dagen uitstelgedrag en de zoveelste pensioenbelofte

Door Kneistikrant-Columnist: Plato (De auteur is Dr. ethicus en rechtsfilosoof) – Echte naam en adres bekend bij de redactie.

Regelmatig duikt het pensioendossier op. Een dossier met een hoog fopsteengehalte dat menig kiezer weet te verleiden, zelden leidt tot concrete, sociale, menswaardige, haalbare, hervormingen en dus meestal borg staat voor ongenoegen.

een dossier met een hoog fopsteengehalte

Wat verstaan moet worden onder een minimumpensioen van 1.500 euro per maand – de zoveelste belofte – is onduidelijk. De discussie over bruto versus netto beroert.  Ook het kostenplaatje, een meeruitgave van 3,2 miljard euro per jaar, of moeten we zeggen de vraag waar men dat geld halen zal, is voer voor verder onderzoek. Ria Janvier, experte sociale zekerheid en gerespecteerd pensioendeskundige (Universiteit Antwerpen) heeft alvast bedenkingen en wil een en ander uitgeklaard zien.

Het is weinigen opgevallen, maar de huidige regering De Croo (eigenlijk moeten we spreken van de regering “De Croo – Vandenbroucke”) telt in haar rangen niet minder dan 3 ministers die ooit het pensioendossier behandelden: Frank Vandenbroucke, Vincent Van Quickenborne en Alexander De Croo himslef.  Of dit geruststellend is, dan wel eerder verontrustend, is niet duidelijk. Het is gissen naar dat wat de nieuwe minister van pensioenen, Karine Lalieux, uit de hoed toveren zal. Wat wel duidelijk is, is dat er veel financiële problemen zijn die de speelruimte aanzienlijk beperken. Zelfs de meest overtuigde aanhanger van Keynes moet op een bepaald ogenblik de wenkbrauwen fronsen. Op 1 september 2021 moeten de nieuwe pensioenplannen klaar zijn.

Ondertussen moet men de economie draaiende weten te houden en moeten er, regeerakkoord of niet, knopen worden doorgehakt. De deelstaten kibbelen nu reeds over de verdeling van de 5,15 miljard Europees geld om dit herstel te financieren.

Oud zeer

“Vandaag, 18 april, word ik 73 jaar. Binnen zeven dagen ben ik niet meer. De keuze daartoe maakte ik jaren geleden. Ze ligt onherroepelijk vast.” Herinnert u zich deze zin nog?  Ze komt uit het ophefmakende boek “Het ultieme transfer” van Hugo De Ridder. Zo begon Renaat van Hingene zijn dagboek. Hij beschrijft er zijn laatste dagen in en verklaart waarom steeds meer senioren lid worden van zijn stichting De Wensdood. Renaat van Hingene zal echter geen suicide plegen. Hij eindigt zijn leven als senior-vondeling.  Dit boek, uit 1992, handelde niet enkel over de toen al in kaart gebrachte vergrijzing – het rapport Dehaene was net gepubliceerd – maar vroeg ook aandacht voor niet zo zichtbare aspecten: het onder druk komen te staan van de cohesie en de solidariteit en de explosie van de zorgsector.

De realiteit “de ouderen hebben het getal, ze hebben het geld”, zou volgens De Ridder immers kunnen leiden tot een generatieconflict. Hij wees op de onvermijdelijke, noodzakelijke transferten als gevolg van de groei van het aantal gepensioneerden en het steeds kleiner wordend aantal actieven. Vermogende senioren moeten dan ook bijspringen voor minder vermogende. Maar hij wees ook op de medicalisering, de culpabilisering van de gepensioneerden en de transferobsessie. “Het gevaar is groot dat politici na de verkeerde aanpak van milieu en migranten ook het seniorenprobleem onderschatten. Het wordt nochtans de uitdaging van de jaren 2000”, aldus De Ridder.

Enkele feiten

Eén derde van de alleenstaanden (men ontvangt het pensioen enkel voor zichzelf) komt uit boven 1.500 euro bruto per maand. Eén procent van de zelfstandigen krijgt een brutorustpensioen van 1.500 euro. 

Het is echter gevaarlijk pensioenbedragen te vergelijken. Groepsverzekeringen (vaak riant te heten), pensioenspaarplannen (fondsen en spaarverzekeringen), allenstaanden die samenwonen, specifieke formules voor zelfstandigen (Aanvullend Pensioen voor Zelfstandigen, Individuele Pensioentoezegging, Pensioenovereenkomst voor Zelfstandigen die het mogelijk maakt om de 80%-grens te bereiken) krikken de pensioenbedragen, al dan niet via one-shotuitkeringen, soms flink op.  

Daarnaast zijn er ook de afvlakking (hogere uitkeringen worden immers zwaarder belast zodat er een nivellering is en de solidariteitsbijdrage, vaak vergeten aspecten bij ambtenarenpensioenen) of de bijdrage-ongelijkheid (de bijdragen voor het werknemerspensioenstelsel versus die van het zelfstandigenpensioenstelsel verschillen duidelijk, als een werknemer en zijn werkgever 1 euro inlegt, dan bedraagt de inleg van de zelfstandige 70 eurocent).

onze pensioenen zijn zeker niet riant

Wat er van zij:  onze pensioenen zijn zeker niet riant te heten. Uit vergelijkend  onderzoek blijkt dat gepensioneerden in België gemiddeld 66% van hun salaris ontvangen na hun loopbaan.  Het Europese gemiddelde bedraagt 71%. Ook hier is vergelijking gevaarlijk (kapitalisatiestelsels versus repartitiestelsels e.d.). Toch kan men niet naast het feit dat in Nederland gepensioneerden dank zij de combinatie van de zogheten AOW en de aanvullende pensioenverzekering soms 101 % van hun salaris binnenhalen, in Frankrijk 85% en in Luxemburg 88%. Vaak wordt voor België verwezen naar de impact van de aanvaarding van vele niet gewerkte perioden, de vervroegde pensionering en de genderongelijkheid.

Tegen 2030 zou het aantal 65-plussers in Vlaanderen gestegen zijn van 1,2 miljoen tot 1,6 miljoen. Vooral aan de Kust zou de vergrijzing aanzienlijk toenemen. In 2030 zal 44,54 % van de bevolking van Knokke-Heist 65-pusser zijn. Net alle gemeenten “vergrijzen”, dixit de Studiedienst van de Vlaamse Regering,  even snel. De kustgemeenten vallen echter op. En dus stellen er zich voor deze gemeenten uitdagingen op o.m. het vlak van gezondheidszorg en dito voorzieningen.

Studies te over dus. Elk decennieum ziet een regering zich wel geroepen allerhande plannen te ontvouwen.  Pensioenvoorzieningen werden echter nooit aangelegd. Iedereen herinnert zich nog wel het beruchte “Zilverfonds”. Een fonds dat reserves aanleggen moest zodat men tijdens de periode 2010 -2030 de extra-uitgaven op het vlak van de wettelijke pensioenstelsels zou kunnen financieren. De koosnaampjes die die fonds kreeg spreken boekdelen (volksbedrog, financiële constructie, marketingstunt, hypocrisie). En velen herinneren zich ook de strooptocht van de toenmalige paarse regering waardoor het pensioenspaarfonds van Belgacom in de bodemloze schuldput verdween. Dit pensioenfonds – goed voor 5 miljard euro – kwam in handen van de regering. Vanaf 2022 daagt dit de regering uit: jaarlijks moeten zo’n 470 miljoen euro tevoorschijn worden gehaald om de pensioenen van de Belgacomwerknemers – nu Proximus – te betalen. Wat jaarlijks betaald moet worden moet nu dus ook jaarlijks worden opgehoest.

Solidariteit

Sociaal – demografen en economen waarschuwen al meer dan veertig jaar voor deze problematiek. Men moet dus niet de gepensioneerden culpabiliseren, wel de falende politieke verantwoordelijken.

De Leuvense sociaal geograaf Van Hecke hekelde jaren geleden het aanslepende en kortzichtige beleid. De Nijmeegse demograaf Theo Engelen pleitte reeds voor de  verhoging van de pensioenleeftijd “voor de hand liggend”, omdat mensen langer en in goede gezondheid leven. Ook Herman Deleeck waarschuwde en stelde dat de “welvaartsstaat een maatschappijopbouw is waar steeds meer behoeften langs collectieve weg worden verzekerd.” En die solidariteit is broos, is niet langer evident en kent ook letterlijk zijn grens…

solidariteit omdat het een “morele plicht” is

Voor sociologen en antropologen is de relatie tussen een (veranderende) samenleving, sociale cohesie en solidariteit steeds een onderzoeksobject geweest. Sociologen als Durkheim (met zijn concepten van mechanische versus organische solidariteit) of Tönnies (met zijn hypothese over de verschuiving van de persoonlijke, totale, niet-functionele relaties van de “Gemeinschaft” naar de onpersoonlijke, contractuele verhoudingen van de “Gesellschaft”) zien veranderende waardepatronen en rationalistische berekeningen als basis voor de solidariteit.Er is in onze samenleving niet langer solidariteit omdat het een “morele plicht” is, wel omdat men er zelf baat bij kan hebben.  

De gezaghebbende Deense socioloog Gösta Esping-Andersen stelde dat een radicale verbouwing van de sociale systemen in West-Europa onontbeerlijk is willen wij de welvaartsstaat behouden. Er is een vergrijzingsprobleem, een probleem van toegang tot een steeds veeleisender wordende arbeidsmarkt, er is een nataliteitsprobleem, een immigratieprobleem, een probleem van arbeidsethiek. Ondertussen voegde zich daar een gigantische delokalisatie aan toe. Duitsland, Amerika of Engeland halen nu reeds, via specifieke plannen, bedrijven terug naar de heimat … en de bedrijven volgen die trend. Adidas, Burbury e.a. zijn teruggekeerd. Professor Albrecht (Ugent) wees nog op andere problemen “België lijkt eerder een gedoogbeleid te voeren tegenover arbeid met een loodzware fiscaliteit, een stroeve regulering en allerhande inactiviteitsvallen”.

Meer en meer stemmen waarschuwen er dan ook voor dat het steeds moeilijker zal worden om deze solidariteit in stand te houden en te financieren. De repartitie speelt immers niet enkel mee op het vlak van pensioenen maar ook in de gezondheidszorg, de arbeidsongeschiktheid, in de kinderbijslagen … Een administrateur generaal van de Rijksdienst voor Pensioenen, stelde geruime tijd geleden reeds dat het systeem op het spel staat. Ook Marc De Vos waarschuwde hier voor. Door de vergrijzing, aldus professor Marc De Vos, “halveert het financieringsvermogen van de sociale zekerheid”. Hij waarschuwt er onder meer voor dat de stijgende uitgaven voor gezondheidszorg, de diverse takken van de sociale zekerheid, pensioenen, uitkeringen, bijslagen, kannibaliseert. Een conflict tussen gezondheidszorg en pensioenen is dus reëel.

Interessant is echter de vraag of de generaties solidair zullen blijven en zo ja, waarom ze dat dan wel kunnen zijn en willen blijven. Hoe ziet onze solidariteit eruit? Welke veranderingen zijn er vast te stellen? Wat is de relatie tussen overheidszorg en privé zorg? Is er complementariteit.

Solidariteitserosie

De pluriformiteit van onze samenleving roept niet enkel vragen op over integratie maar ook betreffende solidariteit. De Utrechtse hoogleraar Komfter, waarschuwt voor de solidariteitserosie en de mogelijke opkomst van “groepssolidariteiten”. De alledaagse solidariteit neemt af. We geven wel, maar schelden ook vaker. De middenvinger zit niet op de knip van de portemonnee, maar meer en meer in de lucht.

recht op iets voor niets

Verwijzende naar Gouldner – die er op wijst dat het credo “ recht op iets voor niets “ oppermachtig is, noteert men een groeiende negatieve wederkerigheid: schijnbare kostenloosheid, de eis tot onmiddellijke behoeftebevrediging en dit zonder tegenprestatie. Recht op genoegdoening, lik op stuk, zoals zij schrijft en respectloosheid zijn een feit.

Het “I scratch your back, you’ll scratch my back”, het “do ut des”, het rationele egoïsme, is een belangrijke motivatie voor de solidariteit geweest. Solidariteit heeft nu alle kenmerken van een investering en is gedehumaniseerd. Er is de verplichte solidariteit – via vele zichtbare en onzichtbare kanalen – opgelegd door de overheid. De toekomstige generaties wachten af.

In het boek ‘Babybom? Draagvlak van de intergenerationele solidariteit’ bekijken Peter Thijssen en Tim De Pauw de verhoudingen tussen de generaties op diverse manieren. De auteurs zijn politiek sociologen, van de Universiteit Antwerpen. Het belangrijkste probleem is volgens hen, los van de vraag of er voldoende middelen zijn, of de actieven de solidariteit zullen willen blijven opbrengen die nodig is om sociale uitgaven te betalen. Billijkheid is het sleutelwoord. De huidige actieven zijn solidair met oudere inactieven, omdat zij hopen dat de jongeren later ook solidair zullen zijn met hen. Dat is ons repartitiestelsel. Waarom zou de huidige generatie actieven hun moeizaam verworven welvaart afstaan?

Een verschraling van het draagvlak voor solidariteit tussen de generaties is niet ondenkbeeldig. De teloorgang van de natiestaat, het afbrokkelen van de waarde van de statelijke solidariteit, de individualisering, de instroom van nieuwkomers knagen aan het bestaande solidariteitsprincipe: “Why should you scratch the back of someone who never scratched yours.”

Rest volgens sommigen enkel nog de empathie, het medelijden, de gedeelde interesses. Zal die volstaan. Vermoedelijk niet. In een Nederlands rapport “Kosten en baten van collectieve pensioensystemen” stellen de auteurs daarenboven dat “veel solidariteit bestaat bij de gratie van de onwetendheid”. Transparantie wordt vermeden: het zou het transfersysteem onmiddellijk onder druk zetten. Het ostracisme dreigt voor wie het thema aanraakt.

Vragen

Het obsessief focussen op vergrijzing moet verdwijnen, aldus Esping-Andersen. Een pensioenhervorming begint bij baby’s. En men moet ook kijken naar nieuwe risicogroepen, nieuwe problemen, die ontstaan als gevolg van demografische ontwikkelingen, immigratie  en particuliere keuzes rondom samenlevingsmodellen. De verzorgingsstaat zal ingrijpend moeten veranderen. Maar daarvoor moeten de belastings- en budgetpolitiek, de toegang tot voorzieningen en het arbeidsmarktbeleid grondig herbekeken worden.

taboes moeten vallen

Taboes moeten vallen. Zo pleitte de Nederlandse hoogleraar Scheffer ervoor om eens te onderzoeken op grond van wat en wanneer iemand toegang krijgt tot de verzorgingsstaat. Effectieve maatregelen moeten de tewerkstellingsgraad verhogen.  Arbeidseconoom Stijn Baert (Ugent) haalt dergelijke taboes aan: verdere afbouw brugpensioen, het invoeren van de degressiviteit van de werkloosheidsuitkeringen, een fiscale verschuiving van arbeid naar consumptie of kapitaal implementeren

Een hogere werkzaamheidsgraad realiseren is zeker een heikel probleem. Vlaanderen, Brussel en Wallonië zijn bevoegd voor het activeringsbeleid. Vlaanderen heeft een tewerkstelling van 78 procent en zit nu reeds dicht bij de federale doelstelling. Brussel en Wallonië scoren respectievelijk respectievelijk 65,8 en 68,4 procent.” Brussel en Wallonië naar 80 procent brengen is utopisch”, poneert Baert.

In het regeerakkoord zitten lekkere brokken voor iedereen: hogere pensioenen en betaalbare gezondheidszorg, kernuitstap, strijd tegen de sociale fraude, het emissievrij maken van de voertuigenvloot … De Nationale Bank van België becijferde begin juni dit jaar dat de schuld zich “op een explosief stijgend traject, ondanks de historisch lage rente” bevond.

daar knellen de gympies van mateke Conner Rousseau

Wil de staatsschuld beheersbaar blijven, wil men de sociale sector redde,  dan moet de groei toenemen en moeten problemen een naam krijgen en moeten er keuzes worden gemaakt. En daar knellen de gympies van mateke Conner Rousseau en jeukt de tattoo van oligarch Bouchez. Over het onverdoofd slachten binnen de groene beweging zullen we het niet hebben: exit Calvo. Voordien werkte men ook de kritische Luckas Vander Taelen en Hermes Sanctorum buiten.  Groene basisdemocratie in aktie…

De regering “De Croo – Vandenbroucke” is veroordeeld tot handelen. Het pensioendossier is een te belangrijke sociale en een financiële uitdaging. Game over dus.

Hierboven kon u een opiniestuk lezen. Zelf schrijven kan natuurlijk ook. Stuur uw opiniestuk naar: redactie@kneistikrant.be

Wat is een opiniestuk?

  • Weerspiegelt de mening van de auteur
  • Subjectief
  • Al dan niet gebaseerd op feiten
  • Vrijheid van meningsuiting (verregaand beschermd, uitzondering: laster en eerroof)
  • Maatschappelijk debat aanzwengelen / sturen

Vorig artikelDe speeltijd is voorbij
Volgend artikelKneistivoetbal
- Advertisment -

Lees ook dit

De M921 Lobelia is terug thuis

Het schip is na twee maanden terug van een oefening in de Middellandse Zee. De Belgische marine nam er deel aan een...

Nachtwinkels moeten rekken met alcoholische dranken afsluiten

Vanaf dit weekend moeten alle winkels in Knokke-Heist en er buiten, die na 20 uur nog open zijn, de rekken met alcoholische...

Strikte handhaving in Knokke-Heist en Damme

Ondanks de strengere coronamaatregelen die sinds maandag 19 oktober 2020 van kracht zijn, stelt het gemeentebestuur vast dat nog niet alle inwoners, tweedeverblijvers en bezoekers deze...

Geen Spruitjesfestival dit jaar

Na de extra maatregelen die werden genomen op federaal niveau, heeft ook het gemeentebestuur in overleg met de veiligheidscel extra beslissingen genomen...

Recente reactie van onze lezers