15 C
Knokke-Heist

Plato: Het licht van Lange Nelle mag dan toch nog schijnen

Wie dacht dat het de energiebevoorrading (lees: de politieke vaudeville omtrent het al dan niet openhouden van de kerncentrales en het bochtenwerk van Groen) was die de voorpagina van de kranten kon vullen, had buiten Lange Nelle gerekend.

Lange Nelle is de vierde vuurtoren in de geschiedenis van Oostende en de derde toren op die locatie.  De vorige vuurtoren uit 1936 (toen reeds gekend als “Lange Nelle”) werd door het terugtrekkende Duitse leger verwoest. In 1947 werd op dezelfde plek een nieuwe toren opgetrokken en die kreeg dezelfde naam.

Lange Nelle is van de drie vuurtorens die nog resten aan de Belgische kust, echter zonder vuurtorenwachter. De vuurtoren werkt volledig automatisch. De vuurtoren is 65 meter hoog, telt 324 treden en loodst o.a. de vissers veilig de haven binnen.

Lange Nelle “kleurt” letterlijke de Vlaamse kustlijn, is een baken voor de Oostendenaars en maakt onverbrekelijk deel uit van de maritieme geschiedenis. Dit werd niet zo begrepen door enkele nieuwkomers. De bewoners hadden “geen klacht ingediend” enkel maar “gevraagd”. De lichtsignalen (morsecode 3 lange flitsen elke 10 seconden) die de letter O vormen stoorden blijkbaar enkele bewoners van luxeflats van een nabijgelegen torengebouw. Het licht diende, landinwaarts getemperd te worden.

Fotofobische nieuwkomers

De Oostendse bevolking pikte het echter niet dat het lichtbaken van Lange Nelle gedeeltelijk werd afgeschermd. Op de sociale media werd scherp uitgehaald.

Waarom en door wie dit gebeurde was aanvankelijk niet helemaal duidelijk. Was het een initiatief van de betrokken Vlaamse administratie? Was het stadsbestuur op de hoogte? Waren het malcontente burgers? Wie was hier tussengekomen?

De “testopstelling” met de folie kwam er, volgens bepaalde bronnen, blijkbaar mede op vraag van een bouwpromotor die in Oostende actief is.  Men wilde onderzoeken of er een voldoende “draagvlak” was voor deze lichtinperking. 1/5 van de lichtbundel werd “in vraag gesteld”. In de pers was ook te lezen dat burgemeester Tommelein deze ingreep niet ongunstig gezind was (pnws.be – 01/02/2023). Naderhand liet deze snel weten dat de vuurtoren een deel van de Oostendse identiteit is (De Standaard, 03/02/2023).

De Oostendenaars, gezond anarchistisch ingesteld, die gelukkig nog lak hebben aan aanstellerij lanceerden een petitie die onmiddellijk meer dan 10.000 handtekeningen verzamelde. De folie werd uiteindelijk weggenomen.

Ze karre keren

Politici, ministers en een vastgoedpromotor struikelden vervolgens over elkaar in een poging om de gemoederen te bedaren. Uiteindelijk werd de Vlaamse administratie dan maar met de vinder gewezen. In een persmededeling liet Versluys weten de boodschap begrepen te hebben. Diplomatisch werd gesteld dat “het klaarblijkelijk een totaal verkeerde inschatting was om deze proefopstelling te overwegen ondanks het positief advies van de Vlaamse overheid”. (“Vuurtoren Lange Nelle – Oostende – Oosteroever”) Het Agentschap maritieme Dienstverlening en Kust en Vlaams minister van Onroerend Erfgoed Matthias Diependaele zorgden voor de nazorg.

Te noteren is dat de voormelde projectontwikkelaar (ook actief in Kneistiland), die mee instaat voor de bouw van appartementsgebouwen op de Oosteroever, nog woontorens wil optrekken (met opnieuw vele bouwlagen) in de buurt van de vuurtoren.

Reeds in 2019 werd echter gewaarschuwd voor het feit dat Lange Nelle wel eens door de bewoners van de omliggende hoogbouw als “hinderlijk” zou kunnen worden bestempeld. De 360° actieradius van het cirkelende vuurtorenlicht liep ook het gevaar geblokkeerd te worden door deze nieuwe woontorens.

Niet vrij van enig cynisme, werd er op gewezen dat een van de toren de naam Ensor Tower zou krijgen: “Genoemd naar James Ensor, de schilder die niet alleen de vuurtoren op zijn wijze vereeuwigde, maar ook lak had aan burgerlijke voortvarendheid.”.

Lange Nelle: nuttig en niet voorbijgestreefd

In een goed onderbouwde reactie op het gebeuren wees Veerle Van Driessche van de Hogere Zeevaartschool te Antwerpen dat elk vuurtorenlicht aan de kust eigen karakteristieken heeft, waardoor het herkenbaar is voor iedereen die op zee zit.

Vuurtorens zijn nuttig en noodzakelijk. Ze waarschuwen niet enkel voor kustlijn maar ze geven ook een idee van positie van een schip. Meer nog: “Als je kijkt om de hoeveel seconden je een lange of korte flits ziet, weet je bij welke stad je bent. Als je dat combineert met een vuurtoren uit een andere hoek, kan je je eigen positie bepalen.” (Radio 1 – Na het debacle over Lange Nelle in Oostende)

Lichttorens zijn zeker ook niet voorbijgestreefd. Hoewel schepen nu met elektronica en GPS-systemen zijn uitgerust blijft de lichttoren noodzakelijk: “Het kan gebeuren dat je elektronica uitvalt en dan heb je niks om op terug te vallen. Op zo’n moment ga je als je dichter bij de kust bent wél die vuurtorens gebruiken.”. Referentiebakens, landpunten en astronavigatie blijven belangrijk. Dat bewees o.a. de Golfoorlog toe de Amerikanen bewust GPS-gegevens om militaire redenen manipuleerden.  Voor wie op zee zit blijft een lichtoren een belangrijk instrument!

Verappartementisering en over-toerisme

Deze strijd om het behoud van een baken brengt ons echter bij fundamentelere problemen: verappartementisering, over-toerisme druk op infrastructuur, kostenstijgingen, gebrekkige toegang tot voorzieningen, druk op het algemeen welbehagen en druk op sociale cohesie.

In bepaalde landen is reeds sprake van gecoördineerd protest tegen de verwording van lokale gemeenschappen ingevolge de toeristische industrie en de escapades van de bouwpromotoren. Verwezen kan worden naar de “Assembly of Neighborhoods for Sustainable Tourism” of het “Network of Southern European Cities against tourism”. Zij voeren o.a. onder de slogan “Tourism = occupation force” strijd tegen het verdwijnen van het karakter van wijken, dorpen en steden.

Alertheid is geboden

De verandering van het landschap, de schade aan natuurgebieden, duinen en stranden en de abnormale prijzen op de vastgoedmarkt kennen we allemaal. De ontgroening aan onze kust, de vergrijzing van de populatie, het sterk wijzigend sociaaleconomisch profiel blijven niet onopgemerkt. Ook de druk op het hinterland neemt gestaag toe. De verappartementisering legt overal een grote druk op de beschikbare open ruimte.  

Bouwprojecten die soms de lokale gemeenschap niet ten goede komen, groei van tweede verblijven gekoppeld aan een excessieve toename van toeristen leiden echter ook al te vaak tot een verandering van de levensstijl van de bewoners. “When in Rome, do as the Romans do”, zou dan ook best wat meer benadrukt mogen worden.

Bouwpromotoren en hun acolieten moeten we dus in de gaten houden. Maar dat laatste is een open deur intrappen… Goed dat er nog wakkere Oostendenaars zijn, of niet?

Onze krant is een platform waar snel en concreet worden gediscussieerd over en naar aanleiding van het nieuws. Dit doen we ook via opiniestukken zoals deze. Elk onderwerp is goed, als er maar een connectie is met het nieuws, en als het maar voor een breder publiek interessant is. Onze redactie beschikt over de naam en de contactgegevens van de schrijver. Ook uw opinie is welkom. Stuur ze naar: Redactie@kneistikrant.be Ben je het eens of oneens met de schrijver hier onder? Reageer dus gerust hier onder.

Uw reacties zijn steeds welkom via de sociale media knoppen hieronder

Ook dit moet je even lezen