1.8 C
Knokke-Heist

Zwin Natuur Park blikt terug op succesvol ringseizoen in najaar 2022

Van 1 augustus tot en met 11 november werden in het Zwin Natuur Park in Knokke-Heist 7.054 vogels voorzien van een wetenschappelijke ring aan de poot. Dat zijn er ruim duizend meer dan vorig jaar (6.040). Het vogelringen gebeurde voor het vierde jaar op rij in samenwerking met BeBirds, de vogelringdienst van het Koninklijk Belgisch Instituut voor Natuurwetenschappen (KBIN). Het vogelringstation in het Zwinpark was zo steeds bemand.

Op 15, van in totaal 103 dagen, kon er niet geringd worden door te slechte weersomstandigheden. Vooral op het einde van de periode was aanhoudende, vrij krachtige wind uit het zuidwesten een boosdoener voor het ringen. Het is belangrijk voor de wetenschappelijke waarde van de verzamelde gegevens om zoveel mogelijk dagen na elkaar te kunnen ringen.

Vogels opnieuw gevangen
Naast de 7.054 vogels die nieuw geringd werden, waren er ook 539 vangsten van vogels die al eerder een ring om de poot kregen. Die bestonden voor een groot deel uit vogels die al eerder in het Zwin Natuur Park geringd waren, maar ook uit exemplaren van elders afkomstig. Sommige met een ring van andere locaties in België, anderen waren buitenlandse terugmeldingen uit o.a. Nederland, Frankrijk, Duitsland, Noorwegen en Denemarken. Omdat vogels ringen over heel Europa, en bij uitbreiding de hele wereld, gebeurt, levert dit belangrijke wetenschappelijke informatie op.

Het merendeel van de geringde vogels waren trekvogels die kort halt hielden in het Zwin. De weersomstandigheden hebben een impact op de vogeltrek. Subtiele verschillen in het weer hier, maar ook in de gebieden waar de trekvogels vandaan komen, kunnen elk jaar voor verschillende aantallen zorgen. Het Zwin Natuur Park voert samen met het KBIN, het Koninklijk Instituut voor Natuurwetenschappen, wetenschappelijk onderzoek op lange termijn, om zo duidelijke trends te kunnen vaststellen.

Enkele opmerkelijke soorten
In totaal werden 59 verschillende soorten vogels geringd. De meest geringde soort was de zwartkop, met 2.684 nieuw geringde exemplaren.  De top drie werd vervolledigd door roodborst (742 nieuw geringd) en kleine karekiet (617 nieuw geringd). 

Daarnaast waren er een aantal speciale gasten en/of opvallende aantallen. In die laatste categorie vallen met name totalen van 366 Cettis zangers (een absoluut recordaantal: bijna een verviervoudiging ten opzichte van het vorige recordaantal voor deze soort in 2020), 82 fitissen, 397 rietzangers, 253 vuurgoudhanen, 155 winterkoningen en 231 merels.

Bijzondere vangsten dit jaar waren waterral (5 vangsten), porseleinhoen, oeverloper (7 vangsten), ijsvogel, draaihals, kleine bonte specht, bladkoning (12 vangsten), blauwborst (3 vangsten), bonte vliegenvanger (9 vangsten), snor (1 vangst + 1 hervangst van een exemplaar met een Franse ring), sperwergrasmus (2 vangsten), grauwe vliegenvanger, zwarte roodstaart, boompieper (6 vangsten), roodborsttapuit (10 vangsten) en goudvink. De topvangsten dit jaar waren 3 buidelmezen, 4 Siberische tjiftjaffen, een grote karekiet, maar liefst 4 waterrietzangers en een krekelzanger. Deze laatste was op de koop toe een nieuwe vogelsoort voor het Zwin.

Aantal schommelingen van jaar tot jaar
Het totaal voor 2022 ligt duidelijk hoger dan vorig jaar, toen in dezelfde periode ruim duizend exemplaren minder werden geringd. Ook op andere ringstations in België werden duidelijk hogere aantallen vastgesteld van verschillende zangvogelsoorten. Vermoedelijk zorgde het overwegend warme, droge weer voor een beter broedsucces bij vele soorten. Er waren wellicht minder mislukte broedgevallen in vergelijking met 2021, toen de nattere weersomstandigheden tijdens het broedseizoen net voor een verhoogde mislukkingsgraad kunnen hebben gezorgd. Om dergelijke jaarlijkse schommelingen vast te stellen, is het van belang dat op wetenschappelijke ringstations zoals in het Zwin Natuur Park een jaarlijkse vaste monitoring wordt gedaan.

De meeste vogels werden in het eerste deel van de ringperiode gevangen. In het laatste deel van het najaar, en dan vooral eind oktober en begin november, was de hoeveelheid geringde vogels aan de lage kant. Er was in het latere najaar van 2022 geen opvallende instroom zoals we die in de vorige jaren wel hadden (van goudhaan in 2020 en van pimpelmees in 2021). Daarnaast waren de weersomstandigheden in die periode (sterke overheersing van wind uit zuidwestelijke tot zuidelijke richting) niet van die jaar om grote aantallen vogels te concentreren langs de kust.

Alle resultaten van 2022 (en ook van vorige jaren) kunnen in detail worden geraadpleegd via https://trektellen.nl/site/info/2435

Like & deel onze nieuwsberichten

Geniet elke dag van onze gratis krant en blijf op de hoogte van de laatste nieuwtjes. We waarderen het als je onze berichten op sociale media leuk vindt en deelt, dit helpt ons om onze inhoud nog verder te verspreiden. Dank je wel voor je steun en we hopen je regelmatig terug te zien!

logo kneistikrant

Ook dit moet je even lezen