HomeOnze ColumnistenPlato: Waarover men liever niet spreekt

Plato: Waarover men liever niet spreekt

Door Kneistikrant-Columnist: Plato (De auteur is Dr. ethicus en rechtsfilosoof) – Echte naam en adres bekend bij de redactie.

Soms breekt een interessant onderwerp door de verbale coronaschutskring.  Zo was er in de Zevende dag een aanzet om een heikel item te bespreken: het subsidiebeleid als beheersvorm in Vlaanderen en het ontbreken van sluitende controles op de toekenning en de aanwending ervan.

De Vlaamse regering alleen al wil dit jaar immers voor 13,3 miljard euro subsidies uitkeren: een derde van de Vlaamse begroting!  Lode Vereeck, deskundige overheidsfinanciën, becijferde dat in totaal 38 % van de begroting aan subsidies wordt besteed (18.900.770 euro op 49.817.964 euro!).

Soms kanaliseert men een debat om aan de essentie te ontsnappen

Eén item dat volledig aansluit bij het lopende (integratie)subsidieschandaal te Antwerpen, maar niet aan bod kwam – wellicht te delicaat om aan te snijden – heeft betrekking op het berekenen van de kost van immigratie. Het geheel werd snel verengd tot een welles-nietesspelletje.  Aangereikte tabellen werden zelfs niet geanalyseerd.

Dit had nochtans een interessante kijk kunnen geven op het gulle subsidiebeleid van lokale, provinciale, regionale en federale overheden en de bijhorende (ontbrekende) effectmeting. De ter discussie staande subsidies maken immers deel uit van deze kost.

Een recent Nederlands rapport reikt interessant materiaal aan.

Wegkijken komt niemand ten goede

Immigratielanden zoals Australië, Canada en de VS sturen sinds lang hun immigratie. Onderzoek van nationaal economisch belangrijke factoren staat voorop en kennis van de eigenlijke kosten-/batenverhouding helpt het geheel richting te geven. Een specifieke, nuttige vorming of beroepsscholing voor de economie is bv. een van de toegangscriteria.

Migratieonderzoek is echter niet enkel methodologisch complex, het krijgt onmiddellijk af te rekenen met de verdenking van vooringenomenheid en wordt soms als “not done” beschouwd.   De vraag die onvermijdelijk rijst is immers of er, in geval van een eerder negatief resultaat, gebroken moet worden met de bestaande immigratiepolitiek en of de bestaande internationale juridische akkoorden moeten worden herzien.

Wijzigende bevolkingssamenstelling

Recente bevolkingsonderzoeken in West-Europa onderstrepen de belangrijke demografische verschuivingen. 

Ook Statbel, het statistische agentschap van de Belgische federale overheid toont dit aan. In 2011 bedroeg het aantal “Belgische Belgen” 74,3 %; 15,5 % van de Belgen had een buitenlandse achtergrond; 10,2 % een buitenlandse nationaliteit. Begin 2021 was 67,9 % van de inwoners “Belg met een Belgische achtergrond”. Een derde had dat niet: 12,4 % van al wie in België woont, heeft een buitenlandse nationaliteit en 19,7 procent is Belg met een buitenlandse achtergrond. De herkomst is voornamelijk Marokkaans. Daarna Italiaans, Frans, Nederlands en Turks. In 2019 valt Roemeens, Marokkaans en Frans op. Samengevat: een derde van de bevolking in België is momenteel van buitenlandse herkomst of heeft een buitenlandse nationaliteit.

Internationale migratie verandert de populatiesamenstelling en is ook de drijvende kracht achter de bevolkingsgroei en dat zal, zo klinkt het, bij ongewijzigd beleid, ook blijven.

Nederlands rapport Grenzeloze Verzorgingsstaat

In Nederland publiceerde Elsevier Weekblad reeds in 2009 een onderzoek van journalist Syp Wynia waaruit bleek dat sinds de jaren zeventig van de vorige eeuw, 200 miljard euro was uitgegeven aan niet-westerse immigranten.

Een zeer recent Nederlands rapport Grenzeloze Verzorgingsstaat: De gevolgen van Immigratie voor de Overheidsfinanciën (het rapport – 231 blz. – ‘Grenzeloze Verzorgingsstaat is HIER te lezen) zorgt bij onze buren voor pittige, ook academische, disputen. Het onderzoek werd immers medegefinancierd door het Renaissance Instituut (het wetenschappelijk instituut van het Forum voor Democratie). 

Het rapport actualiseert echter gewoonweg het rapport Immigration and the Dutch Economy van het Nederlandse Centraal Planbureau (CPB; 2003), het enige CPB-rapport over de kosten en baten van immigratie. Methodologisch stoelen de resultaten op berekeningen (Universiteit van Amsterdam, Amsterdam School of Economics) van niet-openbare microdata van het Centraal Bureau voor de Statistiek van de 17,5 miljoen Nederlandse ingezetenen. De kosten en baten van immigranten en hun kinderen werden berekend over het hele leven, van het moment van geboorte of immigratie, tot het moment van emigratie of overlijden.

Immigratie is geen nuloperatie

De immigratie kostte, aldus de onderzoekers, Nederland veel geld.  Zij betogen dat de netto kosten van niet-westerse immigratie voor de schatkist (periode 1995-2019) neerkomen op ongeveer 400 miljard euro. Voor het jaar 2016 zelf komt de teller uit op 17 miljard euro (= netto baten van 1 miljard voor westerse immigranten en netto kosten van 18 miljard van niet-westerse immigranten).

De kosten van immigratie ontstaan vooral door de herverdelende werking van de verzorgingsstaat. Zij wijzen ook op andere belangrijke elementen. Nederland is, net zoals enkele andere West-Europese landen, dicht bevolkt. De open ruimte is schaars, de druk op de omgeving bij groeiende bevolkingsaantallen is groot, de behoefte aan woningen stijgt en rurale en urbane gebieden groeien naar elkaar toe.

Uitkeringsafhankelijkheid

Belangrijke kost is de hoge uitkeringsafhankelijkheid van immigranten.  Westerse immigranten dragen gemiddeld genomen bij aan de overheidsfinanciën, maar het batig saldo is uiteindelijk eerder gering in het licht van de maatschappelijke impact van de bevolkingsgroei.  Immigratie uit Midden- en Oost-Europa is, dixit de onderzoekers, negatief voor de Nederlandse schatkist. Deze immigranten participeren dan wel aan het economisch gebeuren en dragen bij, aan het eind van de rit compenseert dit de overheidskosten aan onderwijs, zorg, inkomensafhankelijke toeslagen en uitkeringen niet.

Volgens berekeningen loopt de kost voor iemand die migreert uit het Midden-Oosten of Noord-Afrika, op tot enkele honderdduizenden euro per persoon over het gehele leven.  Arbeidsmigranten uit de Angelsaksische landen, Scandinavië, België, Duitsland, Frankrijk of Zwitserland leveren een positieve bijdragen aan de staatskas. Een negatieve score is er voor personen uit traditionele immigratielanden. Migranten met een behoorlijk specifiek opleidingsniveau dragen netto gezien uiteindelijk wel bij. Het onderzoek geeft zeer gedetailleerde cijfers.

De onderzoekers stellen dat indien de immigratie wat aantallen en kosten-baten verhouding in de lijn blijft van deze die Nederland de voorbije vijf jaar kenden het beslag op de overheidsfinanciën uiteindelijk oplopen zal tot circa 50 miljard euro per jaar.

En België?

Een studie (www.nbb.be/nl/artikels/de-economische-impact-van-immigratie-belgie) van de Nationale Bank van België (periode 2009-2016) toonde de grote impact van migratie op onze economie aan.

Zeker de niet-EU immigratie heeft een financiële impact. Opmerkelijk gegeven: de bijdrage van de tweede generatie aan de overheidsfinanciën valt ogenschijnlijk al bij al mee, dit vooral omwille van de leeftijdsstructuur. Gecorrigeerd voor dit leeftijdsverschil draagt de tweede generatie immigranten echter nog altijd minder bij dan autochtonen.

De tewerkstelling is een groot probleem: België is binnen de EU een van de landen met de laagste scores op de integratie van immigranten op de arbeidsmarkt. In 2019 was slechts 61 % tewerkgesteld, bijna 12 procentpunten lager dan voor wie in België is geboren. Andere belangrijke vaststelling was dat van zij die migreren, op grond van gezinshereniging of internationale bescherming, het 30 procentpunten minder waarschijnlijk is dat ze aan het werk zijn in vergelijking tot de arbeidsmigranten.

Vergrijzing staat wel bovenaan de politieke agenda, migratie wordt eerder omzichtig benaderd

De wijze waarop de verzorgingsstaat functioneert moet worden onderzocht. De onderzoekers verwijzen naar voormalig CPB-directeur Coen Teulings die er op wees dat deze stoelt op een hoge mate van interne solidariteit en dus een strikt toegangsbeleid tot het systeem: Zonder een dergelijke uitsluiting gaat het systeem te gronde aan omgekeerde selectie; alleen diegenen die netto profiteren van het herverdelingssysteem zullen toetreden tot de groep.

Zij verwijzen ook naar de CPB-vergrijzingsstudies. Deze steunen op een gegevensverwerking identiek aan de methode gehanteerd in het voormelde rapport. Daarin wordt de impactvan veranderingen zoals geboorte, sterfte en migratie op de houdbaarheid van overheidsfinanciën en verzorgingsstaat onder de loep gelegd.  

De impact van immigratie over de periode 2015 – 2019 – uitgedrukt als percentage van het bruto binnenlands product (bbp) – zou gemiddeld tweemaal zo groot zijn dan de huidige impact van de vergrijzing.

Dit onderzoek stelt prangende, ook ethische, vragen. 

Ondermeer Leo Lucassen (Internationaal Instituut voor Sociale Geschiedenis, Universiteit Leiden) had bedenkingen: onwaarschijnlijke stellingen, pessimistische conclusies en politieke motieven.  Hij stelde de vraag of je het recht van mensen om zich te verplaatsen in economische nuts-termen mag uitdrukken. Een andere opmerking had betrekking op het reduceren van het vluchtelingenbeleid tot een business case. Een verwijzing naar het FvD maakte de kritiek volledig.

De discussie was geopend. Betoogd werd dat een vaak terugkerend argument inderdaad is dat men een mensenleven niet kan/mag becijferen, maar dat dit courante praktijk is bij het consolideren van schadevergoedingen. Een ander argument dat men op die wijze geen oog heeft voor de menselijke kant van het migratievraagstuk werd ook weerlegd: net kennis en het doorbreken van geruchtenstromen opent immers de deur voor een maatschappelijke consensus. Dat men op die wijze haat zaait en rechts in de kaart speelt werd gerelativeerd door te stellen dat transparant beleid net onjuiste vooronderstellingen ontkracht. 

Wat willen we nu eigenlijk?

Zet men het huidige beleid verder en indien ja, hoe kunnen de nodige gelden worden gevonden om de uitgavenzijde te voeden? Hoe houden we het systeem dat dit schragen moet in stand?  Is een verlaging/verstrenging van het voorzieningsniveau, een optie? Creëert men op deze wijze geen ongelijkheid en armoede?  Is de koppeling van een verblijfsduur aan de toegang tot de verzorgingsstaat, wel een optie? Komt het uitkeringsniveau dan niet onder het basisinkomen te liggen? 

Bestaat de oplossing dan in een mix van maatregelen: restrictiever doch humaan toegangsbeleid, counteren van de sluikse (asiel)migratie, duidelijke selectiviteit op basis van onderbouwde criteria en fasering van toegang tot voorzieningen? Wat kunnen wij aan zodat eenieder alle kansen krijgt waar hij/zij recht op heeft? 

Wat echter ook met de onbekwame, corrupte, vaak despotische regimes gekenmerkt door nepotisme en vele schrijnende mistoestanden, die mensen ertoe aanzetten ergens anders heen te trekken! Niet alle migratie is immers klimaat gebonden! Hoe daadkrachtig is de internationale gemeenschap eigenlijk?

Misschien is het voor politici ook tijd om over iets anders dan de Covid-pandemie te peroreren. Al is dit blijkbaar een ongemakkelijke oefening.

Hierboven kon u een opiniestuk lezen. Zelf schrijven kan natuurlijk ook. Stuur uw opiniestuk naar: redactie@kneistikrant.be

Wat is een opiniestuk?

  • Weerspiegelt de mening van de auteur
  • Subjectief
  • Al dan niet gebaseerd op feiten
  • Vrijheid van meningsuiting (verregaand beschermd, uitzondering: laster en eerroof)
  • Maatschappelijk debat aanzwengelen / sturen

1 REACTIE

  1. Wat is Plato toch een belezen diplomaat…
    Na z’n interessant opinie stuk te hebben gelezen heb ik als ‘simpele’ ook maar een simpele les geleerd , de migratie van niet Europeanen is de doodsteek van het huidig Europa…

Er zijn geen reacties meer mogelijk.

- Advertisment -

Lees ook dit

Recente reactie van onze lezers